Vang je

Ze vouwt zich minder

aan de rand, waar adem stokt  

schuilt haar hals in

het huilen de wind hees.

Hij vleugelt haar hoofd

schikt veren in streel.

 

Een oude krant

huilt heel de wereld

ze schuilen er

druppels inkt hunkeren

haar borst langs

tot.

 

Lucht hangt lager

haar praten

trager en voller

als ze zagen achter zijn -

dat hij takjes vond

de grond zij veren

ze samen dagen strekten  -

breek me, breek me zachtjes.